Kennis

Onderhoudsbijdragen fiscaal in aanmerking nemen

Grondbeginselen van onderhoudsbijdragen. Onderhoudsbijdragen aan familieleden, kinderen en gescheiden levenspartners kunnen fiscaal in aanmerking worden genomen, wanneer deze niet zelf in hun eigen levensonderhoud kunnen voorzien. Tot de onderhoudsbijdragen behoren in beginsel

4 min leestijdBijgewerkt: 2021-04-12Aanbevolen

Grondbeginselen van onderhoudsbijdragen

De onderhoudsbijdragen aan familieleden, kinderen en gescheiden levenspartners kunnen fiscaal in aanmerking worden genomen, wanneer deze niet zelf in hun eigen levensonderhoud kunnen voorzien. Tot de onderhoudsbijdragen behoren in beginsel alle uitgaven voor de bestrijding van de kosten van levensonderhoud (bijv. voeding, kleding, huisvesting, enz.) en voor het volgen van een beroepsopleiding (§ 33a zin 1 EStG). De betalingen kunnen regelmatig, maar ook eenmalig voor het kalenderjaar plaatsvinden. Bij regelmatige betalingen moet er bijzondere aandacht aan worden besteed dat deze niet voor voorafgaande of volgende maanden mogen worden verricht (H 33a.1 EStH). De onderhoudsbijdragen aan familieleden en kinderen kunnen als buitengewone last in de belastingaangifte worden opgevoerd. Bij onderhoudsbijdragen aan de gescheiden levenspartner bestaat een keuzemogelijkheid, waarbij de onderhoudsbijdragen ofwel als bijzondere uitgaven (Sonderausgaben) ofwel eveneens als buitengewone lasten kunnen worden opgevoerd.

Onderhoudsbijdragen als buitengewone lasten

De onderhoudsbijdragen aan familieleden en kinderen kunnen als buitengewone last in de belastingaangifte worden opgevoerd. Bij onderhoudsbijdragen aan de gescheiden levenspartner bestaat een keuzemogelijkheid, waarbij de onderhoudsbijdragen in de belastingaangifte ofwel als bijzondere uitgaven (Sonderausgaben) ofwel eveneens als buitengewone lasten kunnen worden opgevoerd. Voor de buitengewone lasten geldt hierbij als bovengrens het fiscale basisvrijstellingsbedrag (Grundfreibetrag) van het betreffende kalenderjaar (bijv. in 2020 € 9.408 en in 2021 € 9.744). Van belang is hierbij of de onderhoudsbijdragen gedurende het gehele kalenderjaar zijn verricht. Anders trekt de Belastingdienst (Finanzamt) in de belastingaangifte de maanden zonder betaling van onderhoudsbijdragen af en het maximumbedrag wordt daarmee met deze maanden verlaagd. Het maximumbedrag wordt daarnaast verhoogd met de betaalde premies voor de ziektekosten- en zorgverzekering van de ontvanger. Anders dan bij Realsplitting hoeft de ontvanger noch de ontvangen onderhoudsbijdragen te belasten, noch zijn instemming te verlenen voor de betaling van onderhoudsbijdragen. Er gelden echter enkele beperkingen voor het opvoeren van onderhoudsbijdragen als buitengewone lasten. Daartoe behoort dat een vermogen van de ontvanger boven € 15.500 als schadelijk wordt aangemerkt en daarmee geen buitengewone lasten kunnen worden opgevoerd. Bij het vermogen van de ontvanger blijven daarentegen een objectief passend eigen woning (§ 90 Abs. 2 Nr. 8 SGB XII) en voorwerpen van bijzondere persoonlijke waarde buiten beschouwing. Verder mag de ontvanger geen inkomen van meer dan € 624 per jaar genieten (§ 33a zin 6 EStG). Overstijgt het inkomen van de ontvanger dit bedrag, dan wordt het ten slotte van de geclaimde buitengewone lasten afgetrokken. Bovendien wordt bij de berekening ook een kostenforfait van € 180 voor onderhoudsplichtige personen per kalenderjaar in mindering gebracht. Tot slot houdt de Belastingdienst ook rekening met ontvangen publieke middelen (bijv. werkloosheidsuitkering of Bafög), die verlagend werken op het maximumbedrag.

Overzicht voor de vaststelling van het maximumbedrag aan onderhoudsbijdragen voor 2020

Maximumbedrag 2020

9.408 €

Verhoging door premies ziektekosten- en zorgverzekering conform § 33a Abs. 1 zin 2 EStG

+ ………€

Verhoogd maximumbedrag

……….. €

Vaststelling van de inkomsten van de ondersteunde persoon

……….. €

Vaststelling van de overige opbrengsten van de ondersteunde persoon – zonder studiefinanciering uit publieke middelen

…………. €

Kostenforfait (R 33a.1 Abs. 3 zin 5 EStR)

./. 180 €

Maatgevende opbrengsten

……….. €

……….. €

Totaal van inkomsten en opbrengsten van de onderhouden persoon (H 33a.1 [Verrekening van eigen inkomsten en opbrengsten] EStH)

…………. €

Niet-schadelijk bedrag

./. 624 €

Schadelijk bedrag

…………. €

./. ……. €

Verlaagd maximumbedrag (tussenresultaat)

……….. €

Studiefinanciering uit publieke middelen

./. ……. €

Verlaagd maximumbedrag

……….. €

Realsplitting

Bij de onderhoudsbijdragen voor gescheiden levenspartners bestaat de keuzemogelijkheid voor Realsplitting (§ 10 Abs. 1a Nr. 1 EStG), waarbij de betaler deze als bijzondere uitgaven (Sonderausgaben) kan opvoeren. De bovengrens bedraagt hierbij € 13.805 per kalenderjaar en wordt verlaagd met de maanden waarin geen onderhoudsbijdragen aan de ontvanger zijn betaald. Net als bij de buitengewone lasten worden ook bij Realsplitting de betalingen van premies voor de ziektekosten- en zorgverzekering van de ontvanger bij het maximumbedrag opgeteld. Bij Realsplitting moet er bijzondere aandacht aan worden besteed dat de ontvanger de betalingen als overige inkomsten moet belasten. Om die reden moet Realsplitting vóór het betreffende kalenderjaar in bijlage U van de belastingaangifte zowel door de betaler als door de ontvanger worden ondertekend. Daarbij verplicht de betaler zich er echter toe alle fiscale en sociaalrechtelijke nadelen die bij de ontvanger ontstaan te compenseren.

Bijzonderheid onderhoudsbijdragen kinderen

De onderhoudsbijdragen voor de eigen kinderen kunnen echter alleen als buitengewone lasten worden opgevoerd, wanneer voor deze kinderen geen kinderbijslag (Kindergeld) of kindervrijstelling (Kinderfreibetrag) wordt aangevraagd.

Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen

  • Hoe kunnen alimentatie- en onderhoudsbetalingen aan familieleden fiscaal in aftrek worden gebracht?

    Onderhoudsbetalingen aan onderhoudsgerechtigde familieleden en kinderen kunnen op grond van § 33a EStG als buitengewone lasten in de inkomstenbelastingaangifte worden meegenomen. Bij betalingen aan een gescheiden echtgenoot bestaat een keuzerecht tussen aftrek als buitengewone last of als persoonsgebonden aftrek (Realsplitting). Voorwaarde is dat de ontvanger niet zelf in zijn levensonderhoud kan voorzien.

    Permalink naar de vraag

  • Welk maximumbedrag geldt voor alimentatiebetalingen als buitengewone last?

    Het maximumbedrag is gelijk aan het fiscale belastingvrije basisbedrag (Grundfreibetrag) van het betreffende kalenderjaar (bijv. € 9.408 in 2020 of € 9.744 in 2021). Dit wordt verhoogd met de overgenomen premies voor ziektekosten- en zorgverzekering van de ontvanger. Werden de alimentatiebetalingen niet het hele jaar betaald, dan kort het Finanzamt het maximumbedrag naar evenredigheid voor de maanden zonder betaling.

    Permalink naar de vraag

  • Welke vermogens- en inkomensgrenzen gelden voor de ontvanger van de alimentatie?

    Het vermogen van de ontvanger mag niet meer bedragen dan 15.500 €; anders is aftrek als buitengewone last uitgesloten. Een passende eigen woning en voorwerpen met persoonlijke waarde tellen daarbij niet mee. Eigen inkomsten en bijdragen van de ontvanger boven 624 € per jaar verlagen het maximaal aftrekbare bedrag; daarnaast wordt een kostenforfait van 180 € in mindering gebracht.

    Permalink naar de vraag

  • Wat is de Realsplitting bij alimentatiebetalingen aan gescheiden echtgenoten?

    Bij de Realsplitting volgens § 10 Abs. 1a Nr. 1 EStG kan de betaler alimentatie aan de gescheiden of duurzaam gescheiden levende echtgenoot tot € 13.805 per jaar als bijzondere uitgaven aftrekken, verhoogd met overgenomen premies voor ziektekosten- en zorgverzekering. De ontvanger moet de betalingen als overige inkomsten belasten en met het verzoek op Anlage U instemmen. De betaler is verplicht alle daaruit voortvloeiende fiscale en sociaalrechtelijke nadelen te compenseren.

    Permalink naar de vraag

  • Zijn alimentatiebetalingen voor eigen kinderen fiscaal aftrekbaar?

    Alimentatiebetalingen voor eigen kinderen kunnen alleen als buitengewone last (außergewöhnliche Belastung) worden opgevoerd wanneer er voor het kind geen kinderbijslag (Kindergeld) en geen kindervrijstelling (Kinderfreibetrag) wordt aangevraagd. In alle overige gevallen zijn de alimentatiebetalingen fiscaal reeds verrekend via het Kindergeld of de Freibetrag.

    Permalink naar de vraag

Terug naar overzicht