Kennis

Belastingvermindering bij gebundelde uitbetaling van overuren

De BFH heeft in een arrest (BFH-arrest van 2-12-2021, VI R 23/19) beslist dat gebundeld uitbetaalde overurenvergoedingen tegen het verlaagde belastingtarief van § 34 Abs. 1 EStG moeten worden belast. In

2 min leestijdBijgewerkt: 2022-03-28Aanbevolen

De BFH heeft in een arrest (BFH-arrest van 2-12-2021, VI R 23/19) beslist dat gebundeld uitbetaalde overurenvergoedingen tegen het verlaagde belastingtarief van § 34 Abs. 1 EStG moeten worden belast. In het onderhavige geval liet werknemer X de overuren uit de jaren 2013 tot en met 2015 wegens beëindiging van de arbeidsverhouding in één bedrag uitbetalen. Het Finanzamt heeft de overurenvergoeding (circa 6.000 €) als aanvullend loon aangemerkt en daarbij geen rekening gehouden met het verlaagde belastingtarief van § 34 Abs. 1 EStG. Het aanvullende inkomen van X werd daardoor sterker met de inkomstenbelasting belast en het nettoloon aanzienlijk verlaagd. De oorzaak hiervan ligt in de progressieve inkomstenbelasting, waardoor bij hogere inkomens een hogere inkomstenbelasting verschuldigd is.

Voorwaarden voor het verlaagde belastingtarief

Voorwaarde voor het verlaagde belastingtarief is dat de belastingplichtige meerdere jaren binnen de onderneming werkzaam is geweest. Concreet moet de werkzaamheid zich over minimaal twee aanslagtijdvakken uitstrekken en langer dan twaalf maanden duren (§ 34 Abs. 2 Nr. 4 EStG). Daarnaast moet sprake zijn van een doelgebonden beloning, die voortvloeit uit de aanleiding van de uitkering. Zijn aan deze kenmerken voldaan, dan kan bij een in één bedrag uitbetaalde overurenvergoeding worden uitgegaan van buitengewone inkomsten. Toepassing van het verlaagde belastingtarief vindt echter alleen plaats wanneer deze inkomsten binnen één aanslagtijdvak worden uitbetaald.

In het onderhavige geval strekten de overurenvergoedingen zich uit over twee aanslagtijdvakken (2013–2015) en was tevens sprake van een werkzaamheid van meer dan twaalf maanden bij de onderneming. De doelgebondenheid van de beloning vloeit voort uit de beëindiging van de arbeidsverhouding. Bovendien werden alle overuren in één bedrag uitbetaald. Daarmee is voldaan aan de voorwaarden voor het verlaagde belastingtarief van § 34 Abs. 1 EStG.

Verlaagd belastingtarief volgens § 34 Abs. 1 EStG

Het verlaagde belastingtarief volgens § 34 Abs. 1 EStG wordt als volgt berekend (aan de hand van een voorbeeld met vereenvoudigde bedragen):

Belastingplichtige M verdient in het aanslagjaar 2019 46.000 € bruto. Daarnaast laat zij de overurenvergoeding van de afgelopen jaren (2015–2019) wegens beëindiging van de arbeidsverhouding in één bedrag uitbetalen (20.000 €).

Jaarinkomen 46.000 €

Overurenvergoeding 20.000 €

= belastbaar totaalbruto 66.000 €

Inkomstenbelasting (over het totaalbruto) 18.939 €

Toepassing van het verlaagde belastingtarief:

Nieuw totaalbruto 50.000 €

(jaarinkomen + 1/5 van de overurenvergoeding)

Daarover verschuldigde inkomstenbelasting 12.295 €

Inkomstenbelasting zonder overurenvergoeding 10.753 €

(jaarinkomen 46.000 €)

Verschil 1.542 €

(12.295 € – 10.753 €)

Belasting op overurenvergoeding (volgens vijfderegeling) 7.710 €

(1.542 € * 5)

Belasting op overurenvergoeding (zonder vijfderegeling) 8.186 €

= Totale belastingbesparing 476 €

Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen

  • Geldt voor in één keer uitbetaalde overurenvergoedingen het verlaagde belastingtarief?

    Ja. De BFH heeft in zijn arrest van 2-12-2021 (VI R 23/19) geoordeeld dat nabetaalde overurenvergoedingen, die geclusterd in één aanslagperiode worden uitbetaald, als buitengewone inkomsten op grond van § 34 Abs. 1 EStG tegen het verlaagde belastingtarief (Fünftelregelung) moeten worden belast. Hierdoor wordt de extra belastingdruk die door het progressieve tarief ontstaat verzacht.

    Permalink naar de vraag

  • Aan welke voorwaarden moet zijn voldaan om de Fünftelregelung (vijfderegeling) toe te passen op overurenvergoedingen?

    De onderliggende werkzaamheden moeten zich uitstrekken over ten minste twee aanslagtijdvakken en langer dan twaalf maanden hebben geduurd (§ 34 Abs. 2 Nr. 4 EStG). Daarnaast moet sprake zijn van een doelgebonden beloning, bijvoorbeeld in samenhang met de beëindiging van het dienstverband. Tot slot moeten de overuren in één bedrag binnen één aanslagtijdvak worden uitbetaald.

    Permalink naar de vraag

  • Waarom leidt de uitbetaling van meerjarige overuren zonder de Fünftelregelung tot een hogere belastingdruk?

    De inkomstenbelasting in Duitsland is progressief opgebouwd: naarmate het belastbaar inkomen stijgt, stijgt ook het belastingtarief. Wordt een over meerdere jaren opgebouwde overurenvergoeding in één jaar uitbetaald, dan verhoogt dit het jaarinkomen abrupt en valt het onder een hoger marginaal tarief. Zonder tariefvermindering leidt dit tot een onevenredig hoge belastingdruk.

    Permalink naar de vraag

  • Hoe werkt de Fünftelregelung volgens § 34 Abs. 1 EStG bij vergoedingen voor overuren rekenkundig?

    Eerst wordt de belasting op het jaarinkomen zonder de vergoeding berekend. Vervolgens wordt de belasting op het jaarinkomen vermeerderd met een vijfde van de overurenvergoeding bepaald. Het verschil tussen beide bedragen wordt met vijf vermenigvuldigd en vormt de belasting op de overurenvergoeding. Hierdoor wordt het progressie-effect rekenkundig over vijf jaar verdeeld en de belastingdruk verlaagd.

    Permalink naar de vraag

  • Wat betekent 'doelgebonden beloning' in de context van de tariefverlaging voor overuren?

    De uitbetaling moet voortvloeien uit een concrete aanleiding die de gebundelde vergoeding rechtvaardigt – doorgaans de beëindiging van het dienstverband. Een willekeurige of routinematige verzamelbetaling volstaat niet. Alleen wanneer de aanleiding de eenmalige uitbetaling verklaart, gelden de overurenvergoedingen als buitengewone inkomsten in de zin van § 34 EStG.

    Permalink naar de vraag

Terug naar overzicht