Het onderwerp erfenissen kent complexe juridische kaders, waardoor veel mensen zich er vóór hun overlijden niet mee willen bezighouden. Zonder tijdige planning kunnen de geldende vrijstellingen binnen de Duitse erfbelasting echter niet optimaal worden benut, met een ongewenste belastingheffing als gevolg.
Vrijstellingen voor erfenissen en schenkingen
De basis voor de belastingheffing op erfenissen of schenkingen is de graad van verwantschap. Hoe nauwer de erfgenaam verwant is aan de overledene, hoe hoger de belastingvrijstelling uitvalt. Deze vuistregel geldt niet alleen bij erfenissen, maar evenzeer bij schenkingen van vermogen. De wetgever deelt de begiftigden of erfgenamen in drie erfbelastingklassen in. Deze staan los van de loonbelastingklassen en zijn eveneens gekoppeld aan de graad van verwantschap. De volgende tabel toont de actuele vrijstellingen voor verschillende groepen personen bij een erfenis of schenking:
Vrijstellingen voor erfenissen en schenkingen
Verwantschapsverhouding
Algemene vrijstelling (euro)
Verzorgingsvrijstelling (euro)
Vrijstelling voor inboedel (euro)
Vrijstelling voor overige goederen (euro)
Belastingklasse I
Echtgenoten,
geregistreerde
partners
500 000
256 000
41 000
12 000
Kinderen, stiefkinderen, adoptiefkinderen, kinderen van overleden kinderen
400 000
10 300 –
52 000
41 000
12 000
Overige klein- en stiefkleinkinderen
200 000
0
41 000
12 000
Achterkleinkinderen
100 000
0
41 000
12 000
Ouders, groot- en overgrootouders
100 000
0
41 000
12 000
Belastingklasse II
Broers en zussen,
nichten en neven,
schoonkinderen
en -ouders,
stiefouders,
gescheiden echtgenoten,
partners uit een
opgeheven
geregistreerd
partnerschap
20 000
0
12 000
Belastingklasse III
Ooms, tantes, levensgezellen, buren, vrienden en overigen
20 000
0
12 000
Zoals uit de tabel blijkt, ontvangen begiftigden of erfgenamen naast de algemene vrijstelling – die geldt voor geldvermogen, onroerend goed, effecten enzovoort – aanvullende vrijstellingen voor specifieke situaties. Daartoe behoren de verzorgingsvrijstelling (bijv. rustpensioen, weduwen- en wezengeld), de vrijstelling voor inboedel (bijv. het geheel aan meubilair en huishoudelijke apparatuur) en de vrijstelling voor overige goederen (bijv. auto's, boten). De groep van ouders, groot- en overgrootouders vormt een uitzondering. Zij valt, zoals in de tabel weergegeven, onder erfbelastingklasse I. Dit geldt echter alleen bij een erfenis; bij een schenking behoren zij tot belastingklasse II. De verzorgingsvrijstellingen voor de tot erfbelastingklasse I behorende kinderen, stiefkinderen enzovoort worden afhankelijk van de leeftijdsgroep toegekend (kinderen tot 5 jaar: € 52.000; tot 10 jaar: € 41.000; tot 15 jaar: € 30.700; tot 20 jaar: € 20.500; tot 27 jaar: € 10.300).
Belastingheffing bij erfenis of schenking boven de vrijstelling
De belastingheffing op erfenissen of schenkingen hangt enerzijds af van de hierboven genoemde erfbelastingklasse en anderzijds van de waarde van het belastbare vermogen. Onderstaande tabel laat de exacte tarieven zien:
Belastingplichtige
erfenis of schenking tot …
Tarief per belastingklasse
I
II
III
75 000 euro
7 %
15 %
30 %
300 000 euro
11 %
20 %
30 %
600 000 euro
15 %
25 %
30 %
6 000 000 euro
19 %
30 %
30 %
13 000 000 euro
23 %
35 %
50 %
26 000 000 euro
27 %
40 %
50 %
Meer dan 26 000 000 euro
30 %
43 %
50 %
Tips om de belastingdruk te verlagen
Ondanks de complexiteit van het onderwerp zijn er enkele aandachtspunten waarmee de belastingdruk voor erfgenamen of begiftigden zoveel mogelijk kan worden verlaagd. Daartoe behoren:
- Ongehuwde stellen met duidelijke nadelen
In de basis is van belang dat erfenissen of schenkingen binnen een partnerschap zonder huwelijk aanzienlijk duurder uitvallen. Deze partners worden fiscaal namelijk als vreemden behandeld en vallen onder erfbelastingklasse III. Daardoor ontvangen zij een algemene vrijstelling van € 20.000. Ter vergelijking: een gehuwde partner heeft recht op een algemene vrijstelling van € 500.000.
- Vrijstellingen meermaals benutten
Het is belangrijk te weten dat de toegekende vrijstelling elke 10 jaar opnieuw kan worden benut. Daarom kan het bij een hoog vermogen dat de geldende vrijstellingen overstijgt zinvol zijn om al vooraf een deel van het vermogen weg te schenken. Op die manier kunnen begiftigden en latere erfgenamen meermaals profiteren van een belastingvrij vermogen.
- Gelijkmatige verdeling van het vermogen
In veel gevallen heeft een van beide levenspartners het grootste deel van het vermogen op zijn of haar naam staan. Het probleem dat hierdoor ontstaat, is dat erfgenamen door deze ongelijke verdeling de vrijstelling bij de ene partner mogelijk overschrijden, zonder dat de vrijstelling van de andere partner volledig is benut. Wanneer het vermogen daarentegen gelijkmatig over beide partners is verdeeld, wordt het minder waarschijnlijk dat de erfgenamen belasting over het vermogen moeten betalen.
Veelgestelde vragen
Veelgestelde vragen
Welke vrijstellingen gelden voor echtgenoten en kinderen bij erfenis of schenking?
Echtgenoten en geregistreerde partners hebben een algemene vrijstelling van 500.000 euro; kinderen, stiefkinderen en adoptiekinderen alsook kinderen van overleden kinderen 400.000 euro. Kleinkinderen ontvangen 200.000 euro, achterkleinkinderen alsook ouders en grootouders (bij erfenis) elk 100.000 euro. Daarnaast geldt een vrijstelling voor huisraad (41.000 euro) en voor andere roerende zaken (12.000 euro).
Welke successiebelastingklassen bestaan er en wie valt in welke klasse?
Belastingklasse I omvat echtgenoten, geregistreerde partners, kinderen, kleinkinderen alsook ouders en grootouders (laatstgenoemden alleen bij erfenis). In belastingklasse II vallen broers en zussen, nichten, neven, schoonkinderen, stiefouders, gescheiden echtgenoten alsook ouders en grootouders bij schenking. Belastingklasse III geldt voor alle overige personen zoals ooms, tantes, ongehuwde levenspartners, vrienden en buren.
Hoe hoog is de verzorgingsvrijstelling (Versorgungsfreibetrag) voor kinderen bij een erfenis?
De Versorgungsfreibetrag voor kinderen is leeftijdsafhankelijk gestaffeld: tot 5 jaar 52.000 euro, tot 10 jaar 41.000 euro, tot 15 jaar 30.700 euro, tot 20 jaar 20.500 euro en tot 27 jaar 10.300 euro. Voor de langstlevende echtgenoot of geregistreerd partner bedraagt de Versorgungsfreibetrag 256.000 euro.
Hoe hoog zijn de Erbschaftsteuer-tarieven per belastingklasse en vermogensomvang?
In belastingklasse I liggen de tarieven tussen 7 % (tot 75.000 euro) en 30 % (boven 26 mln. euro). In belastingklasse II variëren ze van 15 % tot 43 %, in belastingklasse III van 30 % tot 50 %. Het betreffende tarief wordt toegepast op het vermogen dat de vrijstelling overstijgt.
Hoe kunnen vrijstellingen door schenkingen tijdens het leven meerdere keren worden benut?
De persoonlijke vrijstellingen kunnen elke tien jaar opnieuw worden benut. Bij grote vermogens loont het daarom om vroegtijdig delen van het vermogen te schenken, zodat de vrijstelling meerdere keren kan worden gebruikt. Ook een gelijke verdeling van het vermogen tussen echtgenoten is zinvol, zodat de vrijstellingen van beide zijden optimaal worden benut.
Waarom worden ongehuwde stellen bij erfenis en schenking fiscaal benadeeld?
Levensgezellen zonder huwelijksakte of geregistreerd partnerschap worden fiscaal als vreemden beschouwd en vallen in belastingklasse III. Zij hebben slechts recht op een algemene vrijstelling van 20.000 euro, terwijl gehuwde partners 500.000 euro krijgen. Bovendien geldt al vanaf de eerste belastbare euro een erfbelastingtarief van 30%.