Door wijzigingen in het Erneuerbare-Energien-Gesetz (Duitse wet hernieuwbare energie) moeten fotovoltaïsche installaties voor particuliere huishoudens weer aantrekkelijker worden. Daarop wijst de consumentenorganisatie Verbraucherzentrale NRW.
Wat is het Erneuerbare-Energien-Gesetz?
In de kern regelt het Erneuerbare-Energien-Gesetz de teruglevering van duurzaam opgewekte stroom aan het openbare elektriciteitsnet. Iedere fotovoltaïsche installatie met netaansluiting kan profiteren van de vergoeding. Wel moet worden opgemerkt dat de terugleververgoeding de afgelopen jaren aanzienlijk is gedaald, waardoor de bouw van een nieuwe pv-installatie steeds minder aantrekkelijk werd (terugleververgoeding 07/2022 voor pv-installaties tot 10 kWp: 6,23 cent/kWh). Om deze ontwikkeling tegen te gaan en de uitbreiding van pv-installaties op daken van particuliere huishoudens weer te bevorderen, zijn de vergoedingstarieven verhoogd.
Verlichtingen voor bestaande pv-installaties
Door het vervallen van de EEG-heffing kunnen productiemeters vanaf 2023 komen te vervallen. Ook gehuurde productiemeters van netbeheerders kunnen worden verwijderd. Reden hiervoor is dat de jaarafrekening door het schrappen van de EEG-heffing aanzienlijk wordt vereenvoudigd.
Daarnaast gelden voor pv-installaties die vóór 30-07-2022 in gebruik zijn genomen nog steeds de oude vergoedingstarieven. De gewijzigde tarieven zijn alleen rechtsgeldig voor nieuwe installaties vanaf 30-07-2022.
Nieuwe vergoedingstarieven pas na EU-goedkeuring
Voor de toepassing van de nieuwe vergoedingstarieven is nog goedkeuring van de Europese Commissie nodig. Een exact tijdstip voor deze goedkeuring is helaas nog niet bekend. Zodra deze plaatsvindt, ontvangen exploitanten van nieuwe pv-installaties vanaf 30-07-2022 met terugwerkende kracht een vergoeding.
De nieuwe vergoedingstarieven
Vergoedingstarieven bij installaties met eigen verbruik
- Installaties tot 10 kWp: 8,2 cent/kWh
- Installaties vanaf 10 kWp: 7,1 cent/kWh
Voorbeeld eigen verbruik: Een installatie van 13 kWp met eigen verbruik ontvangt voor de eerste 10 kWp 8,2 cent en voor de resterende 3 kWp 7,1 cent per kWh, gemiddeld dus 7,9 cent per kilowattuur.
Vergoedingstarieven bij installaties met volledige teruglevering
- Installaties tot 10 kWp: 13 cent/kWh
- Installaties vanaf 10 kWp: 10,9 cent/kWh
Voorbeeld volledige teruglevering: Een installatie van 13 kWp met volledige teruglevering ontvangt voor de eerste 10 kWp 13,0 cent en voor de resterende 3 kWp 10,9 cent, gemiddeld dus 12,5 cent per kilowattuur.
Geen nadelen bij vertraagde bouw van pv-installaties
Een vertraging in de bouw van de installatie wordt, anders dan in het verleden, niet bestraft met een lagere vergoeding. In plaats daarvan wordt de maandelijkse degressie van de terugleververgoeding opgeschort tot begin 2024. De nieuwe vergoedingstarieven blijven daarmee tot eind 2023 van kracht. Hiermee wordt ingespeeld op de wereldwijde leveringsproblemen, zodat leveringsvertragingen geen negatief effect hebben op de uitbreiding van hernieuwbare energie.
In hoeverre de nieuwe, hogere terugleververgoedingen daadwerkelijk leiden tot een sterkere uitbreiding van pv-installaties en het fundamentele probleem van de lage vergoeding oplossen, valt nog te bezien. Het betreft namelijk slechts een marginale verhoging van de eerdere tarieven, waardoor de rentabiliteit van een nieuwe pv-installatie nog steeds discutabel blijft.
Veelgestelde vragen
Veelgestelde vragen
Welke nieuwe EEG-terugleververgoedingen gelden voor PV-installaties met eigen verbruik?
Voor PV-installaties met eigen verbruik die vanaf 30-07-2022 in gebruik zijn genomen, gelden nieuwe vergoedingstarieven: 8,2 cent/kWh voor installaties tot 10 kWp en 7,1 cent/kWh voor het vermogensdeel daarboven. Bij een installatie van 13 kWp komt dit neer op een gemengd tarief van circa 7,9 cent/kWh. De toepassing staat echter nog onder voorbehoud van goedkeuring door de EU.
Hoe hoog is de terugleververgoeding voor nieuwe PV-installaties met volledige teruglevering?
Bij volledige teruglevering ontvangen nieuwe installaties 13,0 cent/kWh voor de eerste 10 kWp en 10,9 cent/kWh voor het vermogen daarboven. Een installatie van 13 kWp komt zo gemiddeld uit op 12,5 cent/kWh. Voorwaarde is de ingebruikname vanaf 30-07-2022 en de nog uitstaande goedkeuring door de Europese Commissie.
Gelden de nieuwe vergoedingstarieven ook voor PV-installaties die vóór 30-07-2022 in gebruik zijn genomen?
Nee, voor installaties die vóór 30-07-2022 in gebruik zijn genomen, blijven de oude, aanzienlijk lagere tarieven van kracht (bijvoorbeeld 6,23 cent/kWh voor installaties tot 10 kWp in juli 2022). De verhoogde tarieven gelden uitsluitend voor nieuwe installaties vanaf de peildatum.
Welke gevolgen heeft het wegvallen van de EEG-Umlage voor exploitanten van bestaande PV-installaties?
Met het wegvallen van de EEG-Umlage (Duitse heffing op hernieuwbare energie) zijn productiemeters vanaf 2023 niet meer nodig en kunnen worden uitgebouwd, ook als zij van de netbeheerder worden gehuurd. De jaarafrekening wordt hierdoor aanzienlijk eenvoudiger, omdat de registratie van de zelf verbruikte stroom ten behoeve van de heffing komt te vervallen.
Heeft een vertraagde ingebruikname van een PV-installatie gevolgen voor de vergoeding?
Nee, de gebruikelijke maandelijkse degressie van de terugleververgoeding wordt tot begin 2024 opgeschort. Daardoor blijven de nieuwe vergoedingstarieven tot eind 2023 stabiel, zodat wereldwijde leveringsproblemen en daarmee samenhangende vertragingen bij de installatiebouw niet leiden tot een lagere vergoeding.