Aanvankelijk was het verstrijken van de termijn voor de Grundsteuer-aangifte (aangifte voor de Duitse onroerendezaakbelasting) gepland voor eind januari 2023. Toch hebben sommige particulieren en ondernemers deze aangifte tot nu toe nog niet bij de Duitse Belastingdienst ingediend. Hieronder wordt uiteengezet met welke gevolgen rekening moet worden gehouden bij een te late indiening.
In beginsel stellen de meeste Duitse deelstaten een herinneringsbrief op, die naar de betreffende belastingplichtige wordt gestuurd indien deze de indieningstermijn tot dusver heeft laten verstrijken.
Deelstaten met herinneringsbrief
Volgens de belastingdienst van Baden-Württemberg worden in het eerste kwartaal van 2023 eerst herinneringsbrieven verstuurd voor de Grundsteuer B (Grundsteuer B: bebouwde en onbebouwde percelen) en vervolgens in het tweede kwartaal van 2023 voor de Grundsteuer A (Grundsteuer A: bedrijven in de land- en bosbouw).
Bremen, Nedersaksen en Rijnland-Palts willen op een vergelijkbare wijze te werk gaan. Daarbij is verder bekendgemaakt dat de betreffende belastingautoriteiten pas na afloop van het eerste kwartaal van 2023 boetes wegens te late indiening (Verspätungszuschläge) en dwangsommen (Zwangsgelder) zullen opleggen.
In Berlijn, Brandenburg, Hessen, Mecklenburg-Voor-Pommeren, Noordrijn-Westfalen, Saarland, Saksen, Saksen-Anhalt, Sleeswijk-Holstein en Thüringen zullen de belastingautoriteiten eveneens met een herinneringsbrief wijzen op de indieningstermijn van de Grundsteuer-aangifte. Wanneer in deze deelstaten echter boetes wegens te late indiening of andere maatregelen worden opgelegd, is nog onzeker.
Deelstaten met een afwijkende aanpak
In Beieren is bekendgemaakt dat de belastingautoriteit in gemotiveerde individuele gevallen beslist of uitstel wordt verleend of niet. Sanctiemaatregelen bij te late indiening zijn mogelijk. Bij het opleggen van sancties willen de belastingautoriteiten echter rekening houden met de korte duur van de indieningstermijn en de nieuwheid van de Grundsteuer-berekeningsmethode.
In Hamburg is tot slot nog geen besluit genomen over het verdere verloop na 31-01-2023. Boetes wegens te late indiening enzovoort kunnen bij een te late indiening van de Grundsteuer-aangifte dan ook niet worden uitgesloten.
Dwangsommen en boetes wegens te late indiening
Bij het opleggen van een boete wegens te late indiening op grond van § 152 AO bedraagt deze ten minste EUR 25 voor elke aangevangen maand vertraging (§ 152 Abs. 5 S.2 AO). Daarbij geldt echter dat in de deelstaten die het federale model toepassen (Thüringen, Berlijn, Brandenburg, Bremen, Mecklenburg-Voor-Pommeren, Noordrijn-Westfalen, Rijnland-Palts, Saksen-Anhalt en Sleeswijk-Holstein) het opleggen van een boete wegens te late indiening op grond van § 152 Abs. 2 AO is uitgesloten (Art. 97 § 8 Abs. 5 EGAO). Boetes wegens te late indiening worden bij een niet-tijdige indiening van de Grundsteuer-aangifte derhalve niet automatisch geheven, maar uitsluitend in gemotiveerde individuele gevallen.
Het opleggen van een dwangsom verloopt daarentegen in twee fasen. Eerst wordt het opleggen van een dwangsom aangekondigd en pas na het ongebruikt verstrijken van de gestelde termijn wordt de dwangsom daadwerkelijk opgelegd. Dit betekent dat de dwangsom geheel komt te vervallen indien de Grundsteuer-aangifte na de aankondiging maar vóór de oplegging wordt ingediend. De dwangsom bedraagt ten minste EUR 200.
Schatting door het Finanzamt
Wordt de Grundsteuer-aangifte ook op langere termijn niet bij de bevoegde belastingautoriteit ingediend, dan maakt deze een schatting van het belastingobject. Een dergelijke schatting valt ervaringsgewijs nadelig uit voor de belastingplichtige. Bovendien vervalt ondanks de schatting door het Finanzamt de verplichting om een Grundsteuer-aangifte in te dienen niet.
Aanvragen van uitstel
In beginsel kan op elk moment uitstel worden aangevraagd bij de belastingautoriteit. Daarbij moet er rekening mee worden gehouden dat uitstel alleen wordt verleend indien een sluitende motivering wordt aangevoerd. Voorbeelden hiervan waren langdurige ziekte of in individuele gevallen ook de bewerkelijke verzameling van noodzakelijke documenten en informatie voor het indienen van de Grundsteuer-aangifte.
Veelgestelde vragen
Veelgestelde vragen
Welke gevolgen dreigen bij te late indiening van de Grundsteuer-Feststellungserklärung?
Bij te late indiening kunnen toeslagen wegens te late aangifte op grond van § 152 AO (minimaal 25 EUR per begonnen maand) en dwangsommen (minimaal 200 EUR) worden opgelegd. Daarnaast dreigt een nadelige schatting door het Finanzamt, waarbij de aangifteplicht ondanks de schatting blijft bestaan. In de meeste deelstaten ontvangen nalatigen eerst een herinneringsbrief.
In welke deelstaten zijn boetes wegens te late aangifte bij de Grundsteuererklärung grotendeels uitgesloten?
In de deelstaten die het federale model toepassen – Thüringen, Berlin, Brandenburg, Bremen, Mecklenburg-Vorpommern, Nordrhein-Westfalen, Rheinland-Pfalz, Sachsen-Anhalt en Schleswig-Holstein – is de automatische oplegging van een boete wegens te late aangifte op grond van § 152 Abs. 2 AO overeenkomstig art. 97 § 8 Abs. 5 EGAO uitgesloten. Boetes wegens te late aangifte worden hier alleen in gemotiveerde individuele gevallen opgelegd.
Hoe verloopt het opleggen van een dwangsom bij de aangifte voor de onroerendezaakbelasting (Grundsteuer)?
Het opleggen van een dwangsom verloopt in twee fasen: eerst kondigt de belastingdienst de dwangsom aan en stelt zij een termijn. Pas na het ongebruikt verstrijken van deze termijn wordt de dwangsom daadwerkelijk opgelegd. Wordt de aangifte na de aankondiging maar vóór de oplegging ingediend, dan vervalt de dwangsom volledig. De dwangsom bedraagt minimaal 200 EUR.
Welke gevolgen heeft een schatting door het Finanzamt bij de Grundsteuer?
Dient de belastingplichtige de Grundsteuer-aangifte (Feststellungserklärung) langere tijd niet in, dan schat het Finanzamt het belastingobject. Deze schatting valt ervaringsgewijs in het nadeel van de belastingplichtige uit. De verplichting tot indiening van de Feststellungserklärung blijft ondanks de schatting bestaan.
Onder welke voorwaarden is een termijnverlenging voor de onroerendezaakbelastingaangifte (Grundsteuererklärung) mogelijk?
Een termijnverlenging kan op elk moment bij de bevoegde belastingdienst worden aangevraagd, maar wordt alleen verleend bij een sluitende motivering. Erkende redenen zijn bijvoorbeeld een langdurige ziekte of in individuele gevallen het tijdrovend verzamelen van noodzakelijke documenten en informatie. In Beieren beslissen de belastingautoriteiten daarnaast in gemotiveerde individuele gevallen over een verlenging.