Een eenmalige opdracht voor een artistieke of publicistische prestatie bij overschrijding van de wettelijk vastgelegde grens van 450 EUR (§ 24 Abs. 3 KSVG) leidt niet automatisch tot een premieplicht bij de Künstlersozialkasse. Dat heeft het Bundessozialgericht beslist ten gunste van een Rechtsanwalt (Duitse advocaat), die voor het opzetten van een kantoorwebsite eenmalig een webdesigner had ingeschakeld.
De eiser (Rechtsanwalt) had eerder bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Deutsche Rentenversicherung Nord, toen deze voor het aan de webdesigner betaalde honorarium van 1.750 EUR een Künstlersozialabgabe verlangde. Volgens de Deutsche Rentenversicherung Nord was in dit geschil § 24 Abs. 3 KSVG van toepassing. Daarin wordt gesproken van „een niet slechts incidentele opdracht“, wanneer de som van de vergoedingen de grens van 450 EUR overschrijdt. Naar de mening van de Rechtsanwalt sloot een eenmalig verleende opdracht het begrip „incidenteel“ volgens § 24 Abs. 2 en 3 KSVG uit. Bovendien zou het niet uitmaken of bij deze eenmalige gebeurtenis de grens van 450 EUR werd overschreden. Verdere artistieke of publicistische opdrachten verstrekte de Rechtsanwalt in de controleperiode (4 jaar) niet.
Uitspraak van het Sozialgericht Hamburg en het Landessozialgericht Hamburg
Het Sozialgericht Hamburg en het Landessozialgericht Hamburg oordeelden ten gunste van de Rechtsanwalt en vernietigden het besluit van de Deutsche Rentenversicherung Nord. Volgens de rechtbanken leidt de enkele overschrijding van de grens van 450 EUR overeenkomstig § 24 Abs. 3 KSVG niet noodzakelijkerwijs tot een premieplicht bij de Künstlersozialkasse. Belangrijker is daarbij het begrip „incidenteel“, dat in de Duden met de synoniemen „soms“, „hier en daar“, „van tijd tot tijd“ wordt omschreven. Volgens het Landessozialgericht Hamburg is bij een eenmalige opdrachtverlening het begrip „incidenteel“ dan ook niet vervuld. De overschrijding van de grens van 450 EUR is daarbij van ondergeschikt belang.
Uitspraak van het Bundessozialgericht
Het Bundessozialgericht sloot zich in zijn rechtspraak aan bij het LSG Hamburg. Tot betaling van de Künstlersozialabgabe zijn ondernemingen niet verplicht wanneer de aan zelfstandige kunstenaars en publicisten betaalde vergoedingen in totaal de grens van 450 EUR niet overschrijden. Dit betekent echter niet omgekeerd dat er bij overschrijding van deze grens een premieplicht bestaat. Veeleer moet worden bezien of er sprake is van een zekere regelmaat en duurzaamheid bij het exploiteren van artistieke prestaties, waardoor een gelijkstelling met de typische professionele vertegenwoordigers overeenkomstig § 24 Abs. 1 KSVG gerechtvaardigd zou zijn. Daarvan is volgens het BSG bij een eenmalige opdrachtverlening geen sprake.
Geen toepassing op typische vertegenwoordigers
De uitspraak van het LSG Hamburg en het Bundessozialgericht is echter niet van toepassing op de typische vertegenwoordigende ondernemingen overeenkomstig § 24 Abs. 1 KSVG. Bij de in de wet genoemde ondernemingen is namelijk niet van belang of opdrachten slechts „incidenteel“ worden verstrekt.
Veelgestelde vragen
Veelgestelde vragen
Leidt een eenmalige opdracht van meer dan 450 EUR automatisch tot de Künstlersozialabgabe?
Nee. Het Bundessozialgericht heeft beslist dat het loutere overschrijden van de grens van 450 EUR volgens § 24 Abs. 3 KSVG niet automatisch een bijdrageplicht aan de Künstlersozialkasse activeert. Doorslaggevend is of de opdrachten met een zekere regelmaat en duurzaamheid worden verstrekt. Een eenmalige opdracht voldoet niet aan deze voorwaarde.
Hoe wordt het begrip 'gelegentlich' (incidenteel) in de zin van § 24 Abs. 2 KSVG uitgelegd?
Volgens de jurisprudentie betekent 'gelegentlich' zoveel als 'soms', 'af en toe' of 'van tijd tot tijd'. Een eenmalige opdrachtverlening voldoet niet aan deze definitie en leidt daarom niet tot een Künstlersozialabgabe-plicht. Het overschrijden van de grens van 450 EUR is daarbij van ondergeschikt belang.
Wanneer bestaat er premieplicht aan de Künstlersozialkasse voor niet-typische exploitanten?
Een premieplicht ontstaat wanneer artistieke of journalistieke prestaties met een zekere regelmaat en duurzaamheid worden uitbesteed, zodat een gelijkstelling met typische professionele exploitanten op grond van § 24 Abs. 1 KSVG gerechtvaardigd is. Het enkele overschrijden van de grens van 450 EUR is daarvoor niet voldoende.
Geldt de BSG-jurisprudentie ook voor typische exploitanten volgens § 24 Abs. 1 KSVG?
Nee. Bij de in § 24 Abs. 1 KSVG uitdrukkelijk genoemde typische exploitatie-ondernemingen is het niet van belang of slechts incidenteel opdrachten worden verstrekt. Voor deze ondernemingen geldt de premieplicht ongeacht de frequentie van de opdrachten.
Wat betekent het BSG-arrest voor Rechtsanwälte (Duitse advocaten) die eenmalig een webdesigner inschakelen?
Wordt een webdesigner eenmalig ingeschakeld voor het ontwerpen van een kantoorwebsite, dan is geen Künstlersozialabgabe (Duitse sociale heffing voor kunstenaars) verschuldigd – ook niet wanneer het honorarium de grens van 450 EUR overschrijdt. Voorwaarde is dat in de controleperiode geen verdere artistieke of publicistische opdrachten worden verstrekt.