Kennis

Belastingheffing op fotovoltaïsche installaties en het aflopen van de wettelijke terugleververgoeding

Vanaf 01-01-2021 is voor de eerste fotovoltaïsche installaties de wettelijke terugleververgoeding op grond van het EEG (Erneuerbare-Energien-Gesetz, Duitse wet op hernieuwbare energie) afgelopen. Het subsidiebedrag werd vastgesteld bij de inbedrijfstelling van de installatie en vervolgens gedurende 20

4 min leestijdBijgewerkt: 2021-06-14Aanbevolen

Vanaf 01-01-2021 is voor de eerste fotovoltaïsche installaties de wettelijke terugleververgoeding op grond van het EEG (Erneuerbare-Energien-Gesetz, Duitse wet op hernieuwbare energie) afgelopen. Het subsidiebedrag werd vastgesteld bij de inbedrijfstelling van de installatie en vervolgens gedurende 20 jaar uitgekeerd. Daarmee moest de productie van zonne-energie door particuliere huishoudens in Duitsland op lange termijn worden gestimuleerd. Het subsidiebedrag werd bepaald op basis van het type installatie, de omvang en de geproduceerde hoeveelheid per kilowattuur. Sinds 2001 is het subsidiebedrag echter sterk gedaald. Bedroeg het destijds nog 50,62 cent voor de eerste 30 kW, vandaag de dag ligt het sinds 01-01-2021 op 8,16 cent voor de eerste 10 kW. Voor eigenaren van een fotovoltaïsche installatie waarvoor sinds dit jaar de wettelijke subsidie wegvalt, rijst nu de vraag hoe verder te handelen.

Belastingheffing op de fotovoltaïsche installatie

In de basis moet eerst de belastingheffing op een fotovoltaïsche installatie worden verduidelijkt. Deze kan door de koper worden beïnvloed, want de eigenaar heeft meerdere mogelijkheden. Ten eerste kan de eigenaar de opgewekte zonnestroom uitsluitend voor eigen gebruik benutten; in dat geval is deze helemaal niet belastingplichtig. De reden is dat de eigenaar dan ook geen inkomsten genereert met de verkoop van de zonnestroom. Daarbij vervalt echter ook de mogelijkheid om de voorbelasting voor aanschaf, onderhoud en reparatie bij het Finanzamt (Duitse Belastingdienst) op te voeren.

Ten tweede kan de eigenaar zijn zonnestroom aan het openbare elektriciteitsnet verkopen. Daarbij ontstaan inkomsten uit onderneming op grond van § 15 EStG. Bovendien staan dan de mogelijkheden open om de fotovoltaïsche installatie over de gebruiksduur (20 jaar) af te schrijven en de wettelijke terugleververgoeding te ontvangen. Daarnaast kan de eigenaar ook de voorbelasting bij aanschaf, onderhoud en reparatie van de fotovoltaïsche installatie opvoeren. Omgekeerd moet hij de behaalde winsten echter ook met btw verrekenen en wordt het indienen van een btw-aangifte (voorlopige aangifte) bij het bevoegde Finanzamt noodzakelijk. Belastingheffing over de omzet en indiening van een voorlopige btw-aangifte zijn uitgesloten wanneer de eigenaar onder de kleineondernemersregeling op grond van § 19 UStG valt. Voorwaarde hiervoor is:

  • dat de eigenaar in het jaar van aanschaf niet meer dan € 22.000 omzet realiseert en in alle volgende jaren niet meer dan € 50.000 omzet.

Belangrijk om op te merken is dat bij een gebroken boekjaar de maanden zonder onderneming naar rato van de omzetgrens worden afgetrokken.

Daarnaast kunnen eigenaren van een fotovoltaïsche installatie sinds kort (besluit van 02-06-2021) ook worden ontheven van de plicht om de winsten via de persoonlijke inkomstenbelasting te belasten. Vereisten hiervoor zijn:

  • fotovoltaïsche installatie met een vermogen van niet meer dan 10 kW
  • fotovoltaïsche installatie in bedrijf genomen na 2003
  • locatie op een een- of tweegezinswoning of op bijgebouwen op het perceel
  • het perceel met de fotovoltaïsche installatie is eigendom van de eigenaar
  • bij gedeeltelijke verhuur niet meer dan € 520 aan inkomsten per jaar

Toekomstplanning na het aflopen van de terugleververgoeding

Na afloop van de 20-jarige wettelijke terugleververgoeding moeten eigenaren van een fotovoltaïsche installatie opnieuw plannen. De bij aanschaf vastgelegde vergoeding vormde voor eigenaren immers de grootste inkomstenbron uit de verkoop van zonnestroom. Maar ook eigenaren met een lopende terugleververgoeding doen er goed aan tijdig nieuwe wegen te plannen. In de basis geldt echter dat de met de fotovoltaïsche installatie behaalde inkomsten in de toekomst verder zullen dalen. Voor de toekomstige omgang met aangeschafte zonnepanelen staan de eigenaren verschillende mogelijkheden ter beschikking:

  1. Verkoop van de zonne-energie aan stroomleveranciers. Dezen vormen een tussenschakel tussen de eigenaar van de fotovoltaïsche installatie en de stroommarkt (verwachte opbrengsten tussen 4 en 5 cent per kW).
  2. Eigenaren van een fotovoltaïsche installatie kunnen de stroom ook rechtstreeks aan particuliere afnemers verkopen (bijv. buren, lokale bedrijven, gemeenten) en daarbij vaak meer winst behalen dan bij verkoop aan reguliere stroomleveranciers.
  3. Aanschaf van een accusysteem, aangezien veel oudere fotovoltaïsche installaties zonder opslag zijn gemonteerd. Belangrijk daarbij is dat een afschrijving en aftrek van voorbelasting van het nieuwe accusysteem alleen mogelijk is wanneer meer dan 10% van de zonnestroom zakelijk wordt gebruikt. Dat betekent dat een verdeling van het gebruik van de opgewekte zonnestroom kan plaatsvinden, waarbij maximaal 90% ook privé kan worden gebruikt.
  4. Vernieuwing van de zonnepanelen door efficiëntere modellen. Onderscheid tussen vervanging van afzonderlijke onderdelen of van wezenlijke bestanddelen. Bij afzonderlijke onderdelen kunnen deze direct als onderhoudskosten worden opgevoerd. Bij vervanging van wezenlijke bestanddelen ontstaat een nieuw bedrijfsmiddel. Dit kan vervolgens over zijn gebruiksduur winstverlagend worden opgevoerd.
  5. Verwijdering van de fotovoltaïsche installatie wegens economische onrendabiliteit. De verwijdering van het dak kan als bedrijfskosten worden opgevoerd. Bijzonder van belang is daarbij dat een dakrenovatie als gevolg van het verwijderen van zonnepanelen alleen kan worden opgevoerd wanneer er een tijdsmatige samenhang tussen demontage en renovatie en een prestatiesamenhang bestaat. De kosten van de regelconforme verwerking komen op grond van de Duitse Elektro- und Elektrogerätegesetz voor rekening van de fabrikant.

Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen

  • Wanneer is de stroom uit een fotovoltaïsche installatie belastingvrij?

    Wordt de opgewekte zonnestroom uitsluitend voor eigen verbruik gebruikt en niet verkocht, dan ontstaan er geen belastbare inkomsten. In dat geval vervalt echter ook de mogelijkheid om de voorbelasting op aanschaf, onderhoud en reparatie bij het Finanzamt terug te vorderen.

    Permalink naar de vraag

  • Welke fiscale gevolgen heeft het invoeden van zonnestroom in het openbare net?

    Bij de verkoop van de stroom behaalt de exploitant inkomsten uit onderneming volgens § 15 EStG. Hij kan de installatie over 20 jaar afschrijven en de voorbelasting op aanschaf, onderhoud en reparatie aftrekken, maar moet de omzet aan btw onderwerpen en periodieke btw-aangiften indienen. Bij toepassing van de kleineondernemersregeling volgens § 19 UStG vervalt de btw-plicht.

    Permalink naar de vraag

  • Wanneer geldt de Kleinunternehmerregelung voor exploitanten van PV-installaties?

    De Kleinunternehmerregelung volgens § 19 UStG is van toepassing wanneer de omzet in het jaar van aanschaf niet meer dan 22.000 € bedraagt en in de daaropvolgende jaren niet meer dan 50.000 €. Bij een gebroken boekjaar wordt de omzetgrens naar rato verlaagd met de maanden waarin geen onderneming werd uitgeoefend.

    Permalink naar de vraag

  • Onder welke voorwaarden vervalt de inkomstenbelasting op PV-winsten?

    Volgens het besluit van 02.06.2021 kunnen exploitanten worden vrijgesteld van de inkomstenbelastingplicht, indien de installatie maximaal 10 kW vermogen heeft, na 2003 in gebruik is genomen, zich op een een- of tweegezinswoning of bijgebouw in eigendom van de exploitant bevindt en de huurinkomsten bij gedeeltelijke verhuur niet meer dan 520 € per jaar bedragen.

    Permalink naar de vraag

  • Welke opties zijn er na afloop van de 20-jarige EEG-terugleververgoeding?

    Exploitanten kunnen de stroom verder verkopen via energieleveranciers (ca. 4-5 cent/kWh) of rechtstreeks aan particuliere afnemers zoals buren of gemeenten, een batterijopslag bijplaatsen, de modules vervangen door efficiëntere techniek of de installatie demonteren. De keuze heeft een aanzienlijke invloed op de mogelijkheden voor afschrijving en voorbelastingaftrek.

    Permalink naar de vraag

  • Welke fiscale behandeling geldt bij het achteraf installeren van een batterijopslag?

    Afschrijving en aftrek van voorbelasting voor de batterijopslag zijn alleen mogelijk wanneer meer dan 10% van de opgewekte zonnestroom zakelijk wordt gebruikt. Tot 90% van de stroom mag privé worden verbruikt zonder het recht op aftrek van voorbelasting te verliezen.

    Permalink naar de vraag

Terug naar overzicht