Welke fiscale gevolgen het uitstellen van de pensioendatum kan hebben, wordt hierna toegelicht — met name met aandacht voor het belastingvrije deel — aan de hand van een geschil voor het BFH.
Geschil
De eiser is lid van een beroepsgebonden pensioenfonds en bereikte in oktober 2009 de leeftijd van 65 jaar. Daardoor had hij in beginsel de mogelijkheid om zonder kortingen met pensioen te gaan. De eiser verzocht echter om de pensioenuitkeringen met drie jaar uit te stellen om zijn pensioenaanspraak verder te verhogen. Na de uiteindelijke ingang van het pensioen in het aanslagjaar 2012 werden zijn pensioeninkomsten echter voor 64 % aan belasting onderworpen in plaats van het in 2009 geldende belastbare deel van 58 %. Volgens de eiser is voor het belastingvrije deel echter het oorspronkelijke jaar van de pensioenaanspraak bepalend.
Berekening van het belastingvrije deel van het pensioen
Het belastbare respectievelijk het belastingvrije deel van het pensioen wordt bepaald aan de hand van de tabel in §22 Nr.1 S.3 a) aa) EStG. Daarbij is het jaar van pensioeningang bepalend voor het toepasselijke belastbare deel. Het belastingvrije deel van het pensioen komt vervolgens overeen met het verschil tussen het volledige jaarbedrag van de pensioeninkomsten en het aan belasting onderworpen deel. Deze berekening wordt gemaakt in het jaar dat volgt op de pensioeningang (§ 22 Nr.1 S.4f. a) aa) EStG).
Uitspraak BFH: geschil – uitgestelde pensioeningang
Het BFH oordeelde dat voor de bepaling van het belastbare deel van het pensioen de feitelijke pensioeningang bepalend is. Dit geldt dus ook in gevallen van uitgestelde ouderdomspensioenen. Want wanneer de pensioeningang wordt uitgesteld, vermindert ook het belastingvrije deel van de pensioeninkomsten. De reden hiervoor is dat het belastbare deel van het pensioen tot 2040 geleidelijk stijgt, zodat het vanaf dat moment ontvangen pensioen volledig wordt belast.
Veelgestelde vragen
Veelgestelde vragen
Welk jaar is bepalend voor het belastbare aandeel van het pensioen?
Volgens § 22 Nr. 1 S. 3 a) aa) EStG is het jaar van de feitelijke ingangsdatum van het pensioen bepalend. Het op dat moment geldende belastbare aandeel uit de wettelijke tabel wordt op het pensioen toegepast. Een eerder mogelijk ingangstijdstip (bijv. vanaf het bereiken van de 65-jarige leeftijd) is niet relevant, wanneer het pensioen feitelijk pas later wordt ontvangen.
Welke fiscale gevolgen heeft een uitgesteld pensioen?
Wie de pensioeningang uitstelt, wordt geconfronteerd met een hoger belastbaar aandeel, omdat dit tot 2040 geleidelijk oploopt naar 100%. Het belastingvrije deel van het pensioen valt daardoor lager uit dan bij een eerdere pensioeningang. Dit fiscale nadeel moet worden afgewogen tegen de hogere pensioenuitkering die door het uitstel wordt bereikt.
Hoe wordt het belastingvrije deel van het pensioen berekend?
Het belastingvrije deel is het verschil tussen het volledige jaarbedrag van het pensioen en het belastbare deel volgens de tabel in § 22 Nr. 1 S. 3 a) aa) EStG. De berekening vindt plaats in het kalenderjaar dat volgt op het begin van het pensioen (§ 22 Nr. 1 S. 4 f. EStG). De op deze wijze vastgestelde vrijstelling blijft voor de daaropvolgende jaren in beginsel ongewijzigd.
Hoe heeft de BFH beslist over uitgesteld pensioen?
De BFH heeft verduidelijkt dat voor het belastbare aandeel uitsluitend de daadwerkelijke pensioeningangsdatum bepalend is. In de betreffende zaak leidde een met drie jaar uitgesteld pensioen (van 2009 naar 2012) ertoe dat in plaats van 58 % nu 64 % van het pensioen belastbaar was. Een terugwerkende toepassing op het jaar van de oorspronkelijk mogelijke pensioenaanspraak is niet toegestaan.
Loont het fiscaal om de pensioenstart uit te stellen?
Fiscaal pakt uitstel doorgaans ongunstig uit, omdat het belastbare aandeel met elk later startjaar stijgt en het belastingvrije deel blijvend daalt. Daar staan echter hogere pensioenuitkeringen tegenover door de opwaardering van de opgebouwde rechten. Een individuele vergelijkingsberekening is daarom vóór de beslissing aan te bevelen.