Tijdens de coronacrisis worden buitengewone afschrijvingen belangrijker, omdat veel ondernemingen ongewenste omzetverliezen lijden door het uitblijven van klanten. Een voorbeeld hiervan is de kledingwinkel, waarin door de aanhoudende pandemie de ingekochte winterwaar slechts beperkt kon worden verkocht. De stijgende temperaturen dragen ertoe bij dat geen winterkleding meer wordt gekocht en dat deze daarmee in waarde verliest. De buitengewone afschrijvingen dienen er nu toe het duurzame waardeverlies van deze ingekochte waar op de balansdatum weer te geven. De pandemie kan hierbij als buitengewone gebeurtenis worden beschouwd.
Waardebepaling van een vermogensbestanddeel
Om een buitengewone afschrijving te kunnen verrichten, moet eerst de waarde van het vermogensbestanddeel worden bepaald. Daartoe stelt de ondernemer bij vervaardiging of verkrijging van een vermogensbestanddeel de te maken aanschaffingskosten (bijv. transportkosten, verzekering van de waar, enz.) of vervaardigingskosten (bijv. materiaal, ruimtekosten, enz.) vast. Deze handeling kan ook worden omschreven als eerste waardering. Aan het einde van het boekjaar vindt vervolgens een vervolgwaardering van het vermogensbestanddeel plaats, waarin de definitieve waarde van het vermogensbestanddeel op de balans kan worden vastgesteld.
Onderscheid in het handels- en belastingrecht
Allereerst is er een onderscheid in benaming tussen het handels- en belastingrecht. De buitengewone afschrijvingen (§ 253 Abs. 3 Satz 3 HGB; § 253 Abs. 4 HGB) worden in het belastingrecht aangeduid als Teilwertabschreibungen (afschrijvingen naar de deelwaarde, § 6 Abs. 1 Nr. 1 Satz 2 EStG). In de kern beschrijven beide begrippen echter hetzelfde feitencomplex. Een duidelijk onderscheid bestaat wel in de respectieve toepassing op vaste activa (bijv. machines, grond, wagenpark, enz.) en vlottende activa (bijv. handelswaar, producten, grond-, hulp- en bedrijfsstoffen, enz.).
Dit verschil wordt in de onderstaande tabel verduidelijkt:
Situatie
Behandeling in het handelsrecht
Behandeling in het belastingrecht
Vermogensbestanddeel van de vaste activa zonder duurzame waardevermindering
Verbod op buitengewone afschrijving (uitzondering bij financiële vaste activa)
Geen Teilwertabschreibung
Vermogensbestanddeel van de vaste activa met duurzame waardevermindering
Buitengewone afschrijving is verplicht
Keuzerecht voor Teilwertabschreibung
Vermogensbestanddeel van de vlottende activa zonder duurzame waardevermindering
Buitengewone afschrijving is verplicht
Geen Teilwertabschreibung
Vermogensbestanddeel van de vlottende activa met duurzame waardevermindering
Buitengewone afschrijving is verplicht
Keuzerecht voor Teilwertabschreibung
Vernieuwingen rond buitengewone afschrijvingen tijdens de pandemie
Naar aanleiding van de coronapandemie zijn er enkele belangrijke praktijktips met betrekking tot de buitengewone afschrijvingen respectievelijk Teilwertabschreibungen. Deze kunnen nu namelijk ook al binnen het lopende boekjaar worden geboekt, zodat een verlies vooraf geldend kan worden gemaakt. Daardoor kunnen ondernemingen eenvoudiger uitstelverzoeken indienen en fiscale verlichtingen verkrijgen. Daarnaast moet de detailhandel (bijv. kledingwinkels) bijzonder worden ondersteund, doordat deze buitengewone afschrijvingen door waardeverliezen als subsidiabele vaste kosten geldend kan maken. Daardoor kunnen de waardeverliezen van de waar via de Überbrückungshilfe III worden vergoed.
Veelgestelde vragen
Veelgestelde vragen
Wanneer zijn buitengewone afschrijvingen tijdens de coronapandemie relevant?
Buitengewone afschrijvingen winnen tijdens de pandemie aan belang, omdat veel ondernemingen door uitblijvende klandizie omzetverlies en waardedalingen van goederen lijden. Een typisch voorbeeld is seizoensartikelen in de detailhandel (bijv. winterkleding), die door lockdowns niet konden worden verkocht en blijvend in waarde dalen. De pandemie geldt daarbij als een buitengewone gebeurtenis die op de balansdatum een dienovereenkomstige afschrijving rechtvaardigt.
Wat is het verschil tussen de buitengewone afschrijving en de Teilwertabschreibung?
In het handelsrecht spreekt men van de buitengewone afschrijving (§ 253 Abs. 3 Satz 3 en Abs. 4 HGB), in het belastingrecht van de Teilwertabschreibung (§ 6 Abs. 1 Nr. 1 Satz 2 EStG). Inhoudelijk dekken beide hetzelfde feit: het waardeverlies van een bedrijfsmiddel. Verschillen ontstaan echter bij de concrete toepassing op vaste en vlottende activa en bij de vraag of er sprake is van een verplichting, een keuzerecht of een verbod.
Welke verplichtingen en keuzerechten gelden bij duurzame waardevermindering van vaste activa?
Bij een duurzame waardevermindering van vaste activa bestaat naar handelsrecht een verplichting tot buitengewone afschrijving. Fiscaalrechtelijk geldt daarentegen een keuzerecht voor een Teilwertabschreibung (afschrijving naar lagere bedrijfswaarde). Is er geen sprake van een duurzame waardevermindering, dan is een buitengewone afschrijving naar handelsrecht in beginsel niet toegestaan (uitzondering: financiële vaste activa) en fiscaal niet geoorloofd.
Hoe moeten vlottende activa bij waardevermindering worden afgeschreven?
Voor vlottende activa geldt handelsrechtelijk volgens het strikte laagstewaardebeginsel altijd een verplichting tot buitengewone afschrijving, ongeacht of de waardevermindering duurzaam is of niet. Fiscaal is een afschrijving naar de lagere bedrijfswaarde (Teilwertabschreibung) alleen mogelijk bij duurzame waardevermindering, en dan als keuzerecht. Zonder duurzame waardevermindering is fiscaal geen Teilwertabschreibung toegestaan.
Welke verlichtingen gelden er voor buitengewone afschrijvingen tijdens de coronapandemie?
Tijdens de pandemie mogen buitengewone afschrijvingen resp. afschrijvingen op de bedrijfswaarde reeds in de loop van het jaar worden geboekt, zodat verliezen vervroegd kunnen worden geclaimd en uitstelverzoeken eenvoudiger worden. Daarnaast kan de detailhandel waardeverliezen via buitengewone afschrijvingen als subsidiabele vaste kosten opvoeren binnen de Überbrückungshilfe III en zo vergoed krijgen.