Kennis

BFH-arrest: Toepassing van de 1%-regeling bij 'ambachtsvoertuigen'

In hoeverre voor bedrijfsvoertuigen van een ambachtsman ook onttrekkingen voor privéritten met de 1%-regeling of via een rittenadministratie in aanmerking moeten worden genomen, vormt vaak een geschilpunt met de Duitse Belastingdienst. Hierna neemt

3 min leestijdBijgewerkt: 2023-08-25Aanbevolen

In hoeverre voor bedrijfsvoertuigen van een ambachtsman ook onttrekkingen voor privéritten met de 1%-regeling of via een rittenadministratie in aanmerking moeten worden genomen, vormt vaak een geschilpunt met de Duitse Belastingdienst. Hierna neemt de BFH opnieuw een standpunt in over zo'n geval. Welke overwegingen uit dit arrest moeten worden toegepast om te beoordelen of voor een 'ambachtsvoertuig' de 1%-regeling van toepassing is, zetten wij hieronder uiteen.

Geschil: Belastingdienst past 1%-regeling toe

In de jaren in geschil 2012-2014 exploiteerde eiser een huismeesterservice. Tot het bedrijfsvermogen behoorden een Mercedes Benz Vito (transporter) en een Multicar M26 (werkvoertuig). Een onttrekking volgens de 1%-regeling wegens mogelijk privégebruik van de voertuigen heeft eiser niet aangegeven. De bevoegde Belastingdienst was daarentegen van mening dat de Mercedes Benz Vito ook voor privéritten door eiser werd gebruikt en dat dientengevolge de 1%-regeling van toepassing is.

Uitspraak Finanzgericht: Geen privé-auto – 1%-regeling toepassen

Het Finanzgericht stemde in met de beoordeling van de feiten door de verweerder (Belastingdienst). Tijdens de procedure werden weliswaar geen foto's van de Mercedes Benz Vito door eiser overgelegd, maar in het algemeen kan worden aangenomen dat het een bestelwagen betreft, die in het onderhavige geval niet was uitgerust met bedrijfsmatige voorzieningen (bijv. vast ingebouwde vakken voor gereedschap). Bovendien bezat eiser in de jaren in geschil naast de Mercedes Benz Vito en de Multicar M26 geen verdere personenauto in privévermogen. Het Finanzgericht oordeelde derhalve dat de Mercedes Benz Vito door eiser ook voor privéritten gebruikt zou kunnen worden, temeer daar eiser naast de Multicar M26 niet over een ander voertuig in privévermogen beschikte. De Multicar M26 is daarentegen uitgesloten van toepassing van de 1%-regeling, aangezien het om een zuiver werkvoertuig gaat. Dat eiser, die in de jaren in geschil op het platteland woonde, helemaal geen privéritten zou maken, is ten slotte ook niet aannemelijk.

BFH-arrest

Voor de BFH stelt eiser dat de beslissingen van de lagere instanties in zijn geschil afwijken van de volgende BFH-arresten van 18-12-2008 – VI R 34/07 (BFHE 224, 108, BStBl II 2009, 381) en van 17-02-2016 – X R 32/11 (BFHE 253, 148, BStBl II 2016, 708).

In het arrest van 18-12-2008 – VI R 34/07 (BFHE 224, 108, BStBl II 2009, 381) stelde de GmbH aan haar directeur een Opel Astra en een Opel Combo ter beschikking. De Belastingdienst aldaar paste op beide voertuigen de 1%-regeling toe. De BFH beperkte de toepassing van de 1%-regeling in zijn arrest vervolgens uitsluitend tot de Opel Astra, omdat de Opel Combo qua opbouw op een bestelwagen leek en in het achterste deel was uitgerust met vast ingebouwde materiaalkasten inclusief opschriften. De BFH ziet tussen dit arrest en het onderhavige geschil geen parallellen, aangezien eiser naast de Mercedes Benz Vito geen ander voertuig voor privéritten ter beschikking stond. Bovendien betreft de Mercedes Benz Vito in het onderhavige geval geen 'ambachtsvoertuig', doordat de voorzieningen voor bedrijfsmatige doeleinden (gereedschapsvakken etc.) ontbreken.

In het tweede BFH-arrest van 17-02-2016 – X R 32/11 (BFHE 253, 148, BStBl II 2016, 708), waarnaar eiser verwijst, behoort tot het bedrijfsvermogen een VW-transporter. Op de laadvloer van deze transporter zijn permanent gereedschappen ondergebracht. Daarnaast bezat de ondernemer in privévermogen nog een ander voertuig dat geschikt was voor het vervoer van zijn gezin. Daarom besliste de BFH om voor de VW-transporter geen 1%-regeling toe te passen. De BFH ziet hier evenmin vergelijkbaarheid met het onderhavige geschil, aangezien eiser geen ander voertuig voor privéritten bezit.

De BFH sluit zich in het actuele arrest dus aan bij zijn lagere instanties en oordeelt dat de Mercedes Benz Vito voor onttrekkingen volgens de 1%-regeling moet worden belast.

In principe moeten bij de toepassing van de 1%-regeling voor 'ambachtsvoertuigen' daarom de volgende criteria in acht worden genomen:

  • Staat de belastingplichtige naast het 'ambachtsvoertuig' nog een ander voertuig voor privéritten ter beschikking?
    Aanwijzing: Deze overweging zou voor belastingplichtigen met woonplaats in grote steden kunnen vervallen, wanneer zij de fiscus kunnen aantonen dat voor alle privéritten openbaar vervoer (S- en U-Bahn, bussen ...) alsmede e-scooters etc. zijn gebruikt.
  • Zijn in het 'ambachtsvoertuig' voorzieningen voor bedrijfsmatige doeleinden aanwezig (bijv. gereedschapsvakken)?

Terug naar overzicht