Het Bundesfinanzhof (BFH) heeft beslist dat projectontwikkelaars (Bauträger) niet langer als btw-schuldenaar in aanmerking komen, omdat zij geen bouwprestatie in de zin van de Duitse omzetbelastingwet leveren, maar bebouwde grondstukken. Achtergrond: de afnemer is op grond van § 13b lid 2 zin 2 UStG btw-schuldenaar voor bepaalde bouwprestaties. Volgens het recente BFH-arrest van 22-08-2013 (Az. V R 37/10), gepubliceerd op 27-11-2013, zijn afnemers echter alleen nog btw-schuldenaar voor de door hen opgedragen bouwprestaties wanneer zij de aan hen verleende prestaties zelf gebruiken voor het verrichten van dergelijke prestaties. Daarmee zijn Bauträger voor de door hen opgedragen bouwprestaties niet langer btw-schuldenaar, omdat zij zelf geen bouwprestaties verrichten. Concreet betekent dit volgens het BFH dat Bauträger niet langer als btw-schuldenaar op grond van § 13b UStG in aanmerking komen, omdat zij geen bouwprestatie verrichten, maar bebouwde grondstukken leveren. Dit onderscheidt Bauträger van zogenoemde 'hoofdaannemers' (Generalunternehmer), die aan hun opdrachtgever bouwprestaties leveren en daarom ook de btw verschuldigd zijn voor de door hen in een prestatieketen ingekochte bouwprestaties. Bij hoofdaannemers dient echter een beoordeling per geval plaats te vinden. Wanneer bijvoorbeeld ondernemingen zowel als Bauträger als ook als hoofdaannemer optreden, komt het aan op het gebruik van de door hen ingekochte bouwprestaties. Doorslaggevend is in deze gevallen of de ondernemer de bouwprestatie gebruikt voor een btw-vrijgestelde overdracht van een onroerend goed als Bauträger, dan wel voor een eigen btw-plichtige bouwprestatie als hoofdaannemer. Het BFH-arrest van 22-08-2013 vereenvoudigt dus het voortdurende 'raden' of een aan een Bauträger geleverde bouwprestatie met of zonder btw moet worden gefactureerd, respectievelijk of de btw-schuld al dan niet wordt verlegd naar de Bauträger als afnemer. Met het oog op de zogenoemde 'verleggingsregeling' in de zin van § 13b UStG hoeft de bouwende ondernemer bij de facturering van zijn bouwprestatie voortaan nog slechts vast te stellen of de afnemer een Bauträger is (dus = geen toepassing van de verlegging van de btw-schuld op grond van § 13b UStG) dan wel een hoofdaannemer (= in beginsel toepassing van de verlegging van de btw-schuld op grond van § 13b UStG).
Veelgestelde vragen
Veelgestelde vragen
Zijn projectontwikkelaars belastingplichtig voor de omzetbelasting volgens § 13b UStG?
Nee, op grond van het BFH-arrest van 22-08-2013 (V R 37/10) komen projectontwikkelaars (Bauträger) niet meer in aanmerking als belastingplichtige volgens § 13b UStG. Reden: projectontwikkelaars verrichten zelf geen bouwprestaties, maar leveren bebouwde percelen. De verleggingsregeling (reverse charge) geldt alleen wanneer de afnemer de ontvangen bouwprestatie zelf gebruikt voor het verrichten van een bouwprestatie.
Hoe maakt het BFH btw-technisch onderscheid tussen projectontwikkelaars (Bauträger) en hoofdaannemers (Generalunternehmer)?
Bauträger leveren bebouwde percelen en verrichten daarmee geen bouwprestatie in de zin van § 13b UStG. Generalunternehmer daarentegen verrichten bouwprestaties aan hun opdrachtgever en zijn ook btw verschuldigd over de in de prestatieketen ingekochte bouwprestaties. De verleggingsregeling geldt dus uitsluitend bij de Generalunternehmer.
Hoe te handelen bij gemengde bedrijven (projectontwikkelaars en hoofdaannemers)?
Bij ondernemingen die zowel als projectontwikkelaar als als hoofdaannemer actief zijn, is een beoordeling per geval noodzakelijk. Doorslaggevend is het concrete gebruik van de ingekochte bouwprestatie: dient deze voor een belastingvrije onroerendgoedoverdracht als projectontwikkelaar, dan geldt § 13b UStG niet. Wordt zij gebruikt voor een eigen belastbare bouwprestatie als hoofdaannemer, dan is de verleggingsregeling van toepassing.
Wat moet de bouwondernemer bij de facturering voortaan controleren?
De presterende ondernemer moet nagaan of zijn afnemer een projectontwikkelaar (Bauträger) of een hoofdaannemer (Generalunternehmer) is. Bij een Bauträger wordt met Umsatzsteuer gefactureerd, omdat § 13b UStG niet van toepassing is. Bij een Generalunternehmer geldt in beginsel de verleggingsregeling, zodat zonder Umsatzsteuer wordt afgerekend.
Aan welke voorwaarde moet zijn voldaan, opdat de afnemer van de prestatie op grond van § 13b UStG belastingplichtige wordt?
De afnemer is de omzetbelasting voor bouwprestaties op grond van § 13b Abs. 2 S. 2 UStG alleen verschuldigd, indien hij de aan hem verrichte bouwprestatie zelf gebruikt voor het verrichten van een bouwprestatie. De enkele hoedanigheid als bouwondernemer of het gebruik voor leveringen van onroerend goed is volgens de jurisprudentie van het BFH niet voldoende.